10 mei <vorig  verder>

Lieve wast haar haar, spoelt het met een flesje, draait er krulspelden in en droogt alles op. Twee maanden heeft mijn moeder met haar schichten geleefd, rechtop achteruit gekamd, rechtop van het leunen tegen kussens en zetelrug.

Haar voeten worden blauwer. Zwellen.

Haar adem. Met een blaasbalg in haar hals die de spieren doet zwellen en ontzwellen, met een blaasbalg in haar dikke onderbuik, zo ademt mijn moeder. Het is niet eenvoudig zo in leven te blijven.

 

Waarom is moeder nooit vroeger getrouwd, vraag ik mijn vader tijdens het middageten (zij was 41).

Hoho, zegt hij, om vrouwen hun secreten te vernemen moet een man van ver komen.

Ze heeft verscheidene mooie occasies gehad, zegt hij, maar ze moet ze ook willen, he.

Ze heeft ooit een soort relatie gehad met wat hij een herenjongen noemt, van een hogere stand. Maar die is dan ziek geworden of dood gegaan, het fijne wist hij er niet van.

Ik verzink in gepeins.

Mijn vader eet verder. Hij was 48 toen hij trouwde. Ze zijn al 43 jaar samen. Ze hebben elk twee levens gehad, een voor en een na het huwelijk. Hun geheimen zal ik wel nooit kennen. Ook niet het geheim waarmee ze samen oud zijn geworden.