Hij zat tegen het stro van de schuur, Zei niets toen ik naast hem ging zitten. We keken hoe de wind aan het koren Voelde, en aan de wilgen.
Wat zal ik nu weer zeggen, Dacht ik, maar hij sprak zelf. Kijk, wees hij, hoe die twee takken Samen wiegen en elkaar nooit raken.